Keltisch regenboogschoteltje

Gevonden door William Posthouwer

Materiaal: zilver met een beetje goud en koper

Diameter: 18 mm

Gewicht: 5 gr

Regenboogschoteltje

Gedetermineerd op facebook

Advertenties

Geplateerde Eburonen stater: klasse I

Gevonden door Kristof Bruyndonckx

Materiaal: geplateerd

Diameter: 16 mm

Gewicht: 1,9 gr

Die geplateerde Staters waren, zijn en zullen vast nog wel een hele tijd een discussie punt blijven. Werden deze nu geslagen in de echte ateliers, of ergens stiekem geslagen door valsemunters?

Plateren deed men toen al heel erg lang, maar meer door de wat zuidelijker levende stammen. Eigenlijk was dat hele monetaire systeem in het zuiden al veel eerder algemeen goed geworden. En toch was bij ons in het noorden, bij de komst van Julius Caesar, weldegelijk een monetair systeem geïmplementeerd. In tegenstelling tot wat velen beweren. Hij beschreef zélf in zijn Commentarii het gebruik van brons en goud munten hier in het noorden.

Vondsten bewijzen dat in de Oise vallei in de derde eeuw voor Christus zelfs al goud munten geslagen werden. Maar, niet iedere stam sloeg geld in onze streken. Net zoals niet iedere stam rond de Middellandse zee geld sloeg in die tijd. De regio waar ik woon behoorde destijds tot de Menapiërs, we weten allemaal wel dat die mensen geen geld sloegen, terwijl ze toch een vrij uitgestrekt gebied bewoonden. Allicht heeft hier het leefgebied wel een bepaalde invloed op deze zaken uitgeoefend. We weten dat de meest noordelijk gesitueerde stammen het minst “ontwikkeld” waren op dat gebied. Ze leefden vrij afgelegen, onder weinig gunstige omstandigheden. Ik vermoed dat het plateren van deze zgn “oorlogs Staters” gebeurde door de stammen zelf, terwijl ze in het verloop van de oorlog in steeds ongunstiger omstandigheden verbleven. Ik haal het wel vaker aan; die Gallische Oorlog heeft geschat een miljoen mensen het leven gekost. Tweeduizend jaar geleden moet dat heel wat geweest zijn! Het lijkt me alsof ze op een gegeven moment niet anders meer konden dan het plateren van munten, de bronnen zullen vast uitgeput geraakt zijn.

Op jouw munt zie je wel dat de stempel langer in gebruik is geweest. Voor het paardje zie je dat het cirkeltje wat sporen van (stempel) slijtage vertoont. Allicht is deze stempel ook gewoon gebruikt om de volle Staters mee te slaan.

Wat me niet helemaal zint bij de geplateerde exemplaren is het gewicht, dat toch wel uitgesproken lager ligt dan bij de volle gouden exemplaren. Men moet dat bij ontvangst toch gemerkt hebben? Misschien werden ze gemengd tussen de volle gouden exemplaren, om zo in grotere getallen uit te geven. Want het primaire doel van deze Staters was natuurlijk de handel op grote schaal. Het inhuren van duizenden soldaten bij andere stammen bijvoorbeeld. Of het aankopen van een winter voorraad graan. Zo moeten die munten in aanzienlijke getallen per keer uitgewisseld zijn geweest. Gekkenwerk om die dan eerst stuk voor stuk te controleren. Pas later werden die Staters individueel uitgegeven in de “kleinhandel”, waarbij zo’n lager gewicht waarschijnlijk wel uitgekomen zal zijn.

kristof2.2-800

Eburonen

Lit: Volgens Simone Scheers  “La Gaule Belgique” Eburonen Stater klasse I, (pl.IX, fig 254 )

Gedetermineerd door Kristof Bruyndockx en George Aper

Kelt: zilvermunt van de Allobroges ( regio Dauphiné ), type ‘ au cheval – VOL ‘

Gevonden door Rob Gevers

Materiaal: zilver

Diameter: 15 mm

Gewicht: ?

La Tour heeft deze blijkbaar niet opgenomen in zijn werk, Delestrée wel. Het muntje heeft wel een BN nummer 2620-2627 ( Bibliotheque Nationale / Parijs ) wat voor vele numismaten toch nog steeds een belangrijke referentie is. Het muntje zal voor de Gallische oorlog geslagen zijn.

Referentie

Allobroges

Gedetermineerd door Mario Raeymaekers en George Aper

Eburonenstater: klasse 1, 1ste eeuw v.Chr.

Gevonden door Peter Buls

Materiaal: goud

Diameter: 16,06 mm

Gewicht: 5,21 gr

Opmerking: Volgens Simone Scheers “La Gaule Belgique” Eburonen Stater klasse I, (pl.IX, fig 254). Ze linkt de triskele aan de Germaanse regenboogschoteltjes, wat best aannemelijk is. Ik heb eens gelezen dat ze mogelijk een overblijfsel / verbastering zijn van de portretzijde van de bekende biface staters der Ambiani.

Delestrée heeft deze ook beschreven in zijn “Seine au Rhin”, deze kreeg daar de volgende id mee: Série 81, PL.XXVII, fig DT.635. Hij verklaart de paardzijde als een overname van de Remi Staters; série 27, “à l’œil”. Dezelfde serie waar die triskele aan gekoppeld werd. Wat wel zeker is, is dat die drie bolletjes die je boven het paard ziet, resten zijn van de menner die op de voorbeeld Staters staan.

peter1.2-800

Scheers

peter1.3-800

Delestrée

Eburonen

Gedetermineerd op facebook en aangevuld door George Aper