Knoop: 18e eeuw

Gevonden door Arco Hoekman

Materiaal: zilver ?

Diameter: ?

Gewicht: ?

Opmerking: Gaatjes aan  de achterzijde waren nodig voor ontluchting wanneer de twee helften aan elkaar werden gesoldeerd.

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts

Knoop: Garde civique ( burgerwacht ) 19e eeuw- 20ste eeuw

Gevonden door Crabeels Daan

daan1 daan1.1

Materiaal: koperlegering

Diameter: 25,3 mm

Gewicht: 2 gr

Voorzijde: Klimmende leeuw naar links. Tekst: GARDE CIVIQUE … ?

De Garde civique werd opgericht in 1830. Er werden spontaan door de burgerij milities opgericht in een aantal steden, met de bedoeling de orde te handhaven, ongeregeldheden en plunderingen te verhinderen en ook voor sommigen onder hen, mee op te trekken tegen Nederland. In oktober 1830 besliste het Voorlopig Bewind de spontaan gestichte milities te erkennen en samen te voegen onder militaire leiding, om er een supplementair embryo van een Belgisch leger van te maken. De Burgerwacht was georganiseerd op gemeentelijk niveau, oorspronkelijk in de gemeenten met meer dan 30.000 inwoners. Zij was samengesteld uit burgers tussen 21 en 50 jaar, vooral jonge vrijgezellen en kinderloze weduwnaars, die geen deel uitmaakten van het leger. Afwijkingen en vrijstellingen konden worden toegestaan bij ziekten, misvormingen, verminkingen en de noodzaak om voor een gezin te zorgen. De missie van de militie luidde als volgt: de gehoorzaamheid aan de wetten behouden, de openbare orde en rust handhaven of herstellenhet waarborgen van de onafhankelijkheid van België en de integriteit van zijn grondgebiedDe burgerwacht bestond uit compagnieën met aan het hoofd een kapitein en verdeeld in drie bans. De eerste ban speelde een rol op nationaal niveau en was vooral bedoeld om de onschendbaarheid van het territorium te doen eerbiedigen. De tweede ban stond het leger bij, “zonder evenwel de provincie te verlaten”. De derde ban bleef steeds ter plaats en zou niet te velde gaan. De standaarddienst bestond in het wacht optrekken en patrouilles uitvoeren voor de beveiliging van personen, het behoud van eigendommen en het handhaven van de openbare orde. Bij de aanvang van de vijandelijkheden in 1914 had de Burgerwacht zijn beste tijd gehad en betekende niet veel meer. Toch werden de ongeveer 45.000 leden die er op papier nog deel van uitmaakten, onder de wapens geroepen. Het was de bedoeling dat ze voor de handhaving van de orde zouden zorgen. De Duitsers beschouwden die troepen echter niet als militairen, maar als vrijschutters, die zonder meer konden worden doodgeschoten. In de meeste steden verdwenen de burgerwachten dan ook geruisloos. Enkele korpsen uit Luik, Brussel en Oost-Vlaanderen volgden het leger naar de IJzer en namen deel aan sommige militaire operaties. Op 13 oktober 1914 werden ze definitief naar huis gestuurd. Op 17 juni 1920 plaatste een Koninklijk Besluit alle eenheden van de Burgerwacht op non-actief.

Referentie

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts

Zeeuwse knoop

Gevonden door Mike Creemers

mike1.1 mike1

Materiaal: zilver

Diameter: ?

Gewicht: ?

De Zeeuwse knop vormt al eeuwenlang een belangrijk onderdeel van de traditionele Zeeuwse klederdracht. Als sieraad werd de knop een belangrijk pronkstuk dat symbool stond voor de Zeeuwse trots en de rijke cultuurhistorie. De Zeeuwse knop is ontstaan als knopjes op het hemdboord van de boeren mannen uit de 18e eeuw, de zogenaamde braamknopen. De braamknopen veranderden langzaam van vorm in de loop van de jaren. Rond 1870 werd het de Zeeuwse knop, zoals hij er nu uit ziet. Vanaf die tijd zijn vrouwen de knop gaan dragen als sierraad op de mutsspelt van hun klederdracht tenue.

zeeuwse-knoop-800

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts

Zeshoekige knoop met bloemmotief: laat middeleeuws

Gevonden door Tom Daerden

Materiaal: brons

Afmetingen: ?

Gewicht: 3,5 gr

Op basis van een aantal kenmerken tezamen zou ik hem inderdaad ook als laatmiddeleeuws aanduiden:
– De separate koperlegering draadvormige stift die in de knoop is vastgezet (niet erop gesoldeerd); dit komt in de Late Middeleeuwen voor, maar ook wel in de Nieuwe Tijd. -de platte en figuratieve omtrek van de kop ( zie je veel minder in de Nieuwe Tijd).
– Het motief doet ook laatmiddeleeuws aan, en de gekerfde/meegegoten accentuering van de rand zie je vooral op laatmiddeleeuwse knopen.

Deze kenmerken samen maken het met redelijke zekerheid een laatmiddeleeuws exemplaar, exacte parallellen niet gevonden.

Gedetermineerd door Tom Daerden en PAN