Duit Utrecht 1785

Gevonden door Mark Volleberg

 

 

 

Materiaal: koper

Diameter: ?

Gewicht: ?

Voorzijde: STAD UTRECHT met daaronder jaartal 1785 met Arabische 1.

Keerzijde: Stadswapen van Utrecht met kroon, het wapen en de kroon worden vastgehouden door twee leeuwen. Onder het wapen loopt een dubbele streep met daaronder een plattere versiering met brede (grote) schelp. In het kwartier linksonder een fijne arcering van verticale lijnen. Dit is om de kleur rood (keel) aan te geven in de heraldiek. De kroon boven het wapen heeft een naar achter doorlopende band.

Stadswapen Utrecht Afbeeldingsresultaat voor stadswapen utrecht

In de 17e eeuw wordt de versiering heel verschillend ingevuld, er komen dan als versiering vlammen (4), puntjes/streepjes, horizontale arcering (5) en verticale arcering (6) voor. In de 18e eeuw wordt het wat uniformer en is het wapen vrijwel altijd verticaal gearceerd.

Muntmeester: Johan Sebastiaan van Naamen 1782 – 1797

Muntmeesterteken: Er zijn op de koperen munten van de stad Utrecht geen muntmeestertekens gebruikt.

Slagplaats: Utrecht

Referentie

Lit: V.116.6 – Pietersen 43F – PW 5114

Gedetermineerd door Eric Aerts

 

Advertenties

Duit Utrecht 1768

Gevonden door Joeri Wauters

 

Materiaal: koper

Diameter: ?

Gewicht: ?

Voorzijde: STAD UTRECHT met daaronder jaartal met Arabische 1.

Keerzijde: Stadswapen van Utrecht met kroon, het wapen en de kroon worden vastgehouden door twee leeuwen. Onder het wapen loopt een dubbele streep met daaronder een plattere versiering met brede (grote) schelp. In het kwartier linksonder een fijne arcering van verticale lijnen. Dit is om de kleur rood (keel) aan te geven in de heraldiek. De kroon boven het wapen heeft een naar achter doorlopende band.

Stadswapen Utrecht Afbeeldingsresultaat voor stadswapen utrecht

In de 17e eeuw wordt de versiering heel verschillend ingevuld, er komen dan als versiering vlammen (4), puntjes/streepjes, horizontale arcering (5) en verticale arcering (6) voor. In de 18e eeuw wordt het wat uniformer en is het wapen vrijwel altijd verticaal gearceerd.

Muntmeester: Johan Christoffel Novisadi 1766 – 1771

Muntmeesterteken: Er zijn op de koperen munten van de stad Utrecht geen muntmeestertekens gebruikt.

Slagplaats: Utrecht

Referentie

Lit: V.116.6 – Pietersen 43D – PW 5112.1

Gedetermineerd door Eric Aerts

10 oorden 1750 Maria – Theresia

Gevonden door Goubin Stefan

 

Materiaal: zilver

Diameter ( uitgifte ): 19,9 mm

Gewicht ( uitgifte ): 2,45 gr

Voorzijde: Bourgondisch kruis. Tekst: MAR.TH.D:G.R.JMP.G.HUN.BOH.R.1750. Voluit:  Maria Theresia Dei Gratia Rex Imperium Hungaria Bohemia Rex. Wat wil zeggen: Maria Theresia bij gratie Gods Keizerin van Hongarije en Bohemen

Keerzijde: Gekroond en gelauwerd wapenschild van Oostenrijk-Bourgondië. Tekst: ARCH.AUS.DUX(handje)BURG.BRAB.C.FL. Voluit : Archidux Austria dux Burgundie Brabant Comes Flandriae. Wat wil zeggen: Aartshertogin van Oostenrijk, hertogin van Bourgondië en Brabant, Gravin van Vlaanderen.

Graveur: Jacques Roëttiers

Muntteken: Handje

Slagplaats: Antwerpen.

Slagaantal:  2.332.620

Maria Theresia

Lit: De Mey 75; Krause & Michler #12; Vanhoudt J21

Gedetermineerd door Paul Callewaert op BVW

Loodje Oost-Indische Compagnie 1749 – 1769

Gevonden door Pierre Hachin

 

Materiaal: lood

Diameter: ?

Gewicht: ?

De Oost – Indische Compagnie – specifiek Frans bedrijf voor de Oost – Indische handel  – is een commercieel bedrijf in 1664 opgericht door Colbert. Dit loodje is gedateerd tussen 1749 en 1769. De goederen waren ofwel doek, koffie, Chinese thee… Tekst: FLOREBO QUO FERAR. Florebo quocumque ferar is een zin in het Latijn , dat kan worden vertaald in het Frans met “I fleurirai waar ik ook kan worden gedragen” of zelfs “Ik fleurirai waar ik mogen worden aangeplant.”

Wapenschild Oost-Indische Compagnie 

pierre2-800

Gedetermineerd door Pierre Hachin en Eric Aerts

Liard van Joseph Clemens van Beieren z.j.

Gevonden door Mark Boeckhout

z.j. 1694 – 1723

Materiaal: koper

Diameter ( gemeten ): 25 mm

Gewicht: ( gewogen ) 3,90 gr

Voorzijde: Met bonnet gekroond en gevierendeeld wapenschild waarbij de bonnet de tekst onderbreekt. In kwartier 1 en 4 het wapen van Palatinat (leeuw) en in kwartier 2 en 3 het wapen van Beieren (ruiten). Tekst: IOSEPH. CLEM. D. G. ARC. COL (of variant). Dit is voluit: Josephus Celemens dei gratia archiepiscopus Colonia. Dit betekent: Joseph Clemens, bij Gods gratie aartsbisschop van Keulen.

Keerzijde: In het centrum een wapenschildje met daarin het perron van Luik. Om dit wapenschildje zijn in een kruisvorm vier andere wapenschildjes geplaatst. Dit zijn de wapens van Loon (boven), Franchimont (rechts), Horne (onder) en Bouillon (links). Tekst:  (Rozetje) EP. ET. PRI. LEO. DVX. BVL. M. F. C. L. H (of variant). Dit is voluit: episcopus et princeps Leodiensis dux Bulloniensis marchionis Franchimontis comes Losensis Hornensis. Dit betekent: prinsbisschop van Luik, hertog van Bouillon, markies van Franchimont, graaf van Loon en Horne.

   

Wapens van Loon, Franchimont, Horne en Bouillon

Slagplaats: Luik

Door Jean Luc Dengis wordt dit type gezien als het eerste type van Joseph Clemens van Beieren.

Jozef Clemens van Beieren

Referentie

Lit: Chestret 664 – Dengis 1138

Gedetermineerd door Eric Aerts